Prof. dr. Erik Scherder: Alexander, mensen hebben kunnen wel eens last hebben van die bewegingen … Bijvoorbeeld in je gezicht of in je ledematen, waarvan je eigenlijk denkt van: dat wil ik helemaal niet!
Dat noem je een tic hè? Kun je uitleggen hoe dat nou werkt in je hersenen?
Prof. Alexander Heimel : Ja, we weten er wel iets van af. Want als mens willen we constant bewegingen maken. Of juist geen bewegingen maken.
Maar bij die tics, worden de ongewenste bewegingen eigenlijk niet onderdrukt. We moeten weten dat we in de hersenen eigenlijk twee paden hebben voor enerzijds het maken van bewegingen. In reactie op dingen.
En anderzijds juist het onderdrukken van bewegingen.
We kunnen altijd maar één beweging tegelijkertijd doen. Bewegingen kosten energie, dus we moeten niet alles…
En precies bij die tics is dus eigenlijk een onbalans ontstaan voor bepaalde bewegingen. Dat die bewegingen te makkelijk worden opgewekt of juist te slecht worden onderdrukt.
We weten ongeveer dat in de hersenschors zo’n beweging opgewekt wordt. Maar ergens in het systeem, wat wij het directe of indirecte pad noemen naar de basale kernen….
Erik: Die basale kernen liggen diep in je brein hè? Dat is een groep kernen die heel belangrijk zijn voor je motoriek.
Alexander; Precies, die normaal wel die keuzes maken van ‘nu doe ik zo’ of ‘nu doe ik zo’. Maar in dit geval, bij zo’n tic, is er ergens dus in die ‘loop’ er naartoe iets fout gegaan.
Dat iets niet onderdrukt wordt, wat wel onderdrukt hoort te worden.
Erik: En denk je, is een tic iets wat aangeboren is of kun je dat ook verwerven tijdens het leven?
Alexander: De tics zelf worden verworven tijdens het leven en die kan je ook weer kwijtraken.
Mensen die een tic hebben, kunnen later ook de tics kwijtraken.
Er is wel, in de zin dat het aangeboren is dat sommige mensen genetisch meer aanleg hebben tot het ontwikkelen van tics dan anderen.
Dus daar merk je natuurlijk ook: de genen die bepalen je hersenen. En je hersenen bepalen uiteindelijk of je gevoelig bent voor het ontwikkelen van bepaalde tics.
Erik: En dat onderzoek vindt dus hier plaats in het Herseninstituut.
Alexander: Ja, in het Herseninstituut onderzoeken we dus die paden. En specifiek ook in de context van Obsessieve Compulsieve Stoornis (OCS/ OCD).
Die eigenlijk een soort net iets complexer of abstractere vorm van zo’n tic is.
Bij een tic heb je een bepaalde handeling die niet onderdrukt wordt. Bij OCS is dat een bepaalde neiging die je hebt tot schoonmaken of tot extra checken/afsluiten.
Dat je die neiging niet kan onderdrukken. En elke keer weer opnieuw doet.
Dat ligt dus aan diezelfde paden in de hersenen die eigenlijk op een of andere manier verstoord zijn geraakt.
En daar wordt in het Herseninstituut veel onderzoek naar gedaan.
Dus op mensen, om te meten van waar het mis kan zijn.
Maar ook met proefdieren om te kijken van hoe kunnen we het oplossen.
Ja.
Erik: Schitterend onderzoek!