Andries Kalsbeek
Home > Wat wij doen > Onderzoekers faciliteren > Andries Kalsbeek
Wie is Andries Kalsbeek
Als biologiestudent onderzocht Kalsbeek al de effecten die
het tijdstip van eten heeft op
de glucosestofwisseling. Hij publiceerde hierover pas jaren later, nadat hij via onderzoek naar winterslaap opnieuw bij de biologische klok terechtkwam. Kalsbeeks centrale vraag is hoe we deze klok kunnen gebruiken om onze gezondheid te verbeteren. Daarbij speelt niet alleen de centrale, daglichtgevoelige klok in onze hersenen een rol, maar zijn ook de zogenoemde perifere klokken in onze organen belangrijk.


Huidige functies
- Teamleider van de onderzoeksgroep “Hypothalamic Integration Mechanisms”– Nederlands Herseninstituut, Amsterdam
- Hoogleraar Experimentele Neuro-endocrinologie – Universiteit van Amsterdam
Opleiding
Biologie – Universiteit van Groningen
Gedragsfysiologie en Neuroanatomie – Universiteit van Groningen
Onderzoeksgebieden
De centrale biologische klok in de hypothalamus en de dagelijkse regulatie van onze energiehuishouding met behulp van hormonen en het autonome zenuwstelsel.
Prijzen
- ZonMw TOP subsidies in 2008, 2015 en 2021.
Boeken
- Hypothalamic Integration of Circadian Rhythms, Prog Brain Res, 1996
- Hypothalamic Integration of Energy Metabolism, Prog Brain Res, 2006
- The Neurobiology of Circadian Timing, Prog Brain Res, 2012
Social media / e-mail
De biologische klok
We kennen ‘de’ biologische klok, maar we hebben er meer dan een.
‘Er zit een centrale klok in onze hersenen die een rechtstreekse verbinding heeft met het netvlies en die ons dag en nachtritme regelt. Daarnaast hebben we klokken in onze organen, de zogenoemde perifere klokken. Zij zijn heel gevoelig voor energie: energie die binnenkomt – voedsel – en energie die wordt verbruikt: beweging.
‘In de ideale wereld krijgt de leverklok van de centrale klok het signaal dat het
licht is, en krijgt hij op energieniveau de informatie dat er wordt gegeten en dat de spieren energie verbruiken omdat ze actief zijn. Maar in onze maatschappij eten en bewegen we ook als het buiten al donker is. Hierdoor ontstaat een mismatch of desynchronisatie tussen de centrale klok en de perifere klokken.’
Welke gevolgen heeft dat?
’Je lever zorgt ervoor dat er altijd voldoende glucose in je bloed zit, en je spieren zijn belangrijk voor de glucoseopname. Wij denken dat als de klokken van de lever en van de spieren niet meer synchroon lopen, de lever glucose aanmaakt terwijl de spieren die niet gebruiken. Je krijgt dan te veel glucose in je lichaam, en dat
is het begin van diabetes type 2. Een soortgelijke mismatch treedt op met het vetmetabolisme als de klokken in je vetweefsel niet meer synchroon lopen.’
Dat is waarschijnlijk ook slecht nieuws voor mensen die ’s nachts werken?
‘Zij hebben inderdaad vaker overgewicht en hart en vaatziekten. Ze slapen, eten en bewegen op de verkeerde momenten, en hun centrale klok raakt ook nog eens van slag door de nachtelijke blootstelling aan kunstlicht. Het verkeerde tijdstip waarop wordt gegeten heeft van al die factoren de meeste invloed. Dat effect is extra slecht als dat voedsel vet en suikerrijk is.’
Maakt het dan nog uit of je stilzit, of bestellingen voor een webwinkel
bij elkaar rent?
‘We denken dat mensen in ploegendienst ’s nachts zo min mogelijk zouden moeten eten, maar geldt dat ook als ze de hele nacht bewegen? Dat is precies wat we
nu onderzoeken. Daarnaast kijken we naar het ritme van ploegendiensten. Onze hypothese is dat je hooguit twee dagen achtereen ’s nachts zou moeten werken, en daarna twee of drie dagen overdag. Als je dan overdag voor voldoende sterke stimuli zorgt, verschuift je centrale klok niet. Werk je een langere periode ’s nachts, dan is de kans groter dat hij wel gaat verschuiven. De vraag is dus hoeveel tijd je na een nachtdienst nodig hebt om weer te herstellen, en hoe dit herstelproces wordt beïnvloed door herhaaldelijke nachtdiensten.’
Welke effecten heeft beeldschermgebruik op slaap?
‘We hebben bij pubers gezien dat ze eerder gingen slapen en dat hun melatonine eerder omhoogging als ze ’s avonds geen beeldscherm gebruikten. Dat effect was nog sterker als ze hun schermen wél mochten gebruiken, maar vanaf een uur of zeven een oranje bril droegen. Waarschijnlijk stelt niet alleen schermgebruik het slapen gaan uit, maar ook de verlichting in woon en slaapkamer.’
Gezellig schemeren is dus best een goed idee?
‘Ja. Hoe minder licht ’s avonds, hoe beter.’
Voor wie en hoe?
Gezondheidsproblemen zoals overgewicht, hart en vaatziekten en diabetes type 2 hangen onder meer samen met de mate van (dag)licht en met de timing van eten en slapen. Als wetenschappers de optimale mix van deze factoren kennen, kan dat zowel mensen met deze aandoeningen alsook werkers in ploegendienst helpen om gezondheidsrisico’s te minimaliseren.
Nog niet zo lang geleden dachten we dat een slecht functionerende biologische klok ook de oorzaak was van slapeloosheid. Dit is echter maar bij een klein deel van de slapelozen het geval. Lees meer over slapeloosheid.

