Obsessief compulsieve stoornissen
Home > Wat wij doen > Hersenonderzoek financieren > Obsessief compulsieve stoornissen

Onderzoek naar compulsief gedrag en OCS
Wat is OCS? Waar staat de afkorting voor?
OCS (obsessief compulsieve stoornis), OCD (obsessive compulsive disorder), dwangstoornis, dwangneurose: het zijn allemaal verschillende benamingen voor dezelfde psychiatrische aandoening, gekenmerkt door terugkerende, ongewenste gedachten en/of handelingen die moeilijk tot niet te onderdrukken zijn. OCS wordt pas als ziekte gezien als de dwanggedachten en -handelingen iemand ernstig in de weg zitten bij het dagelijks leven.


Symptomen van OCS: obsessies en dwanghandelingen
Wanneer is er sprake van een dwangstoornis?
Willuhn: “In principe is het kweken van gewoontes een goede zaak. Het betekent bijvoorbeeld dat we kunnen autorijden zonder dat we over elke beweging hoeven na te denken. Maar in sommige gevallen kan automatisme een probleem worden: wanneer het schade toebrengt en tegen onze wil gebeurt.” Dit is de basis van psychische stoornissen zoals verslavingen en dwangstoornissen. Zowel de verslaafde als de dwangpatiënt kunnen hun gedrag niet meer controleren, ook al willen ze dat wel en weten ze dat ze ermee moeten stoppen.
(Als je hier geen video ziet staan, accepteer dan eerst marketing cookies via de knop “Toestemmingsvoorkeuren” linksonderaan.)
Hoe ontstaat een compulsieve stoornis? Is er een echte oorzaak aan te wijzen?
Specifieke hersengebieden die door onderzoekers vaak in verband wordt gebracht met OCS zijn de zogenaamde “basale ganglia”. De basale ganglia helpen ons gewenste dingen te doen en ongewenste dingen te laten. Samen met een ander hersengebied, de thalamus, vormt het veel verbindingen met de prefrontale cortex. De prefrontale cortex is het hersengebied dat betrokken is bij planning, denken en bewustzijn. Bij mensen met OCS lijkt de basale ganglia niet goed te werken. Hierdoor ontstaan er in de prefrontale cortex ongewenste gedachten.

Welke rol speelt dopamine bij compulsief gedrag?
Dopamine is een belangrijke neurotransmitter. Het stimuleert motivatie en helpt gewoontes te creëren. De basale ganglia bevatten heel veel receptoren die gevoelig zijn voor dopamine, sommige daarvan zijn zogenaamde D2-receptoren. Normaal gesproken werken die als een rem op impulsief gedrag. Hersenonderzoekers vermoeden dat als er te weinig receptoren zijn, de dopamine-afgifte hapert en dat daar een mogelijke oorzaak ligt voor het ontstaan van een verslaving en obsessief-compulsieve aandoeningen.
Toekomstperspectief voor behandeling
Welke specifieke onderzoeken doet het Nederlands Herseninstituut op dit gebied?
Onderzoek naar de vrije wil in de basale ganglia
Onderzoek naar de biomarkers van OCS voor een betere diagnose en behandeling
Onderzoekers van het Herseninstituut en het Amsterdam UMC hebben recent ontdekt wat er precies in de diepgelegen netwerken van het brein gebeurt tijdens een dwanggedachte en -handeling.
Door gebruik te maken van ragfijne elektroden diep in de hersenen, zagen zij specifieke hersengolven actief worden tijdens een obsessieve gedachte en de daaropvolgende dwanghandeling. Deze golven werken als een biomarker (meetbare indicator in het lichaam die wijst op de aanwezigheid van een ziekte) voor de aandoening. Dit is een enorme stap vooruit, omdat het tot nu toe bijna onmogelijk was om een symptoom zo direct te koppelen aan tastbare hersenactiviteit.
Voor patiënten met een zeer ernstige vorm van OCD wordt soms ‘diepe hersenstimulatie’ gebruikt. Hierbij geven elektroden continu elektrische signalen af om bepaalde hersengebieden tot rust te brengen. Bij circa 30% van de patiënten werkt dit nog onvoldoende. Een groot nadeel is dat het systeem nu altijd ‘aan’ staat, ongeacht of de patiënt op dat moment last heeft van dwang of niet. Ook duurt het lang voordat een apparaat goed is ingesteld.
De ontdekking van de specifieke hersengolven opent de deur naar een veel slimmere aanpak. In plaats van een constante elektrische stroom, kunnen we in de toekomst hopelijk overstappen op systemen die alleen stimuleren wanneer de elektroden een dwangsignaal meten. De behandeling wordt hierdoor veel gerichter en effectiever.
Lees meer: Neurale biomarkers ontdekt voor obsessieve compulsieve stoornis
Wat willen we in de toekomst bereiken?
- nieuwe onderzoeken op te zetten
- nieuwe technologieën in te zetten
- apparatuur aan te schaffen
- onderzoekers te financieren
Veelgestelde vragen over OCS
Is OCS erfelijk?
Waarom lijken OCS en verslaving op elkaar?
Hoe beïnvloedt stress de hersenen van mensen met OCS?
Kan een hersenscan aantonen dat iemand OCS heeft?
Nee, een hersenscan kan niet aantonen of iemand OCS heeft of niet. Over het algemeen kunnen hersenscans geen psychiatrische stoornissen identificeren. Recent zijn wel specifieke hersengolven ontdekt, die een gerichtere diagnose van OCS/OCD mogelijk maken.
Wat gebeurt er in het brein bij tics? En wat is de relatie met OCS?
Zowel bij tics als bij een Obsessieve-Compulsieve Stoornis (OCS) is er sprake van een verstoring in de communicatie tussen de hersenschors en de dieper gelegen basale kernen (een hersengebied dat belangrijk is voor onze motoriek en gedragskeuzes).
Professor Alexander Heimel legt het uit in deze video: https://www.youtube.com/watch?v=z_IqmlmmnpY
