Maarten Kamermans (emiritus)
Home > Wat wij doen > Onderzoekers faciliteren > Maarten Kamermans
Wie is Maarten Kamermans
Zijn hele wetenschappelijke leven staat in het teken van het netvlies. Maarten Kamermans heeft daarbij speciale aandacht voor één bepaald communicatiepunt tussen twee zenuwcellen; een zogenaamde ‘synaps’. Die ligt in het netvlies en is cruciaal om scherpe, stabiele beelden te kunnen zien. Dát die synaps hierbij een sleutelrol speelt, is niet eerder ontdekt.

In memoriam:
Prof. dr. Maarten Kamermans (1956 – 2026)
Met grote verslagenheid hebben wij kennisgenomen van het overlijden van prof. dr. Maarten Kamermans op 11 augustus 2026. Als hoofd van de onderzoeksgroep Zicht & Nystagmus aan het Nederlands Herseninstituut wijdde hij bijna drie decennia van zijn leven aan het doorgronden van het menselijk netvlies. Met zijn baanbrekende ontdekking dat de oorzaak van nystagmus niet in de hersenen, maar in het netvlies kan liggen, legde hij het fundament voor nieuwe behandelmogelijkheden. Wij verliezen in hem een gedreven wetenschapper, een topexpert en een dierbare collega.
Lees hier de volledige In Memoriam.

Huidige functies
- Teamleider van de onderzoeksgroep “Zicht en nystagmus”– Nederlands Herseninstituut, Amsterdam
- Hoogleraar Neurofysiologie – AMC, Amsterdam
Opleiding
Onderzoeksgebieden
Boeken
De oorzaak van trillende ogen
Onze ogen staan altijd een heel klein beetje te trillen. Dat is nodig om te kunnen zien, want als je die trilling weghaalt, zie je niets. Zijn die trillingen te groot, zoals bij de oogbewegingsafwijking nystagmus het geval is, dan leidt dat op latere leeftijd tot nachtblindheid en slecht zicht. Merkwaardig genoeg verbetert het slechte zicht niet als die te grote trillingen worden weggehaald. Blijkbaar ligt de oorzaak ergens anders. Het heeft netvliesspecialist Kamermans tien jaar gekost om het achterliggende mechanisme daarvan op het spoor te komen. ‘Het was lastig om dit onderzoek gefinancierd te krijgen,’ licht hij toe. ‘Iedereen zei: “De oorzaak van nystagmus zit helemaal niet in het oog, maar in de hersenen.”’ Kamermans bleef zich intussen verdiepen in de werking van één bepaalde synaps in het netvlies. Die synaps bestaat uit een unieke combinatie van eiwitten die alleen maar in het netvlies voorkomen, en zorgt ervoor dat we scherpe, stabiele beelden zien.
Kamermans onderzoekt nu niet-invasieve methoden om dit probleem op te lossen. Een van de mogelijke oplossingen is een bril met horizontale strepen. Het idee is dat de betreffende hersencellen door die strepen beter in de pas gaan lopen, waardoor er in het brein correcte verbindingen kunnen ontstaan. ‘Het zou fantastisch zijn als we de gezichtsscherpte goed kunnen krijgen door die kindertjes dagelijks een paar uur zo’n bril op te zetten.’ Hij heeft goede hoop op een blijvend effect als dat al vroeg in hun leven wordt gedaan. ‘Dan kunnen we gebruik maken van de grote plasticiteit (de mogelijkheid om zich aan te passen) van die piepjonge hersenen. Tegen de tijd dat die plasticiteit is verminderd, is er een relatief stabiele toestand ontstaan en zou het probleem opgelost kunnen zijn. Maar,’ zegt hij met klem, ‘dit is allemaal toekomstmuziek. Er is voorlopig nog heel wat experimenteel werk te doen.’

